Relaties
| Inhoudsopgave |
|---|
| Relaties |
| Pagina 2 |
| Alle pagina's |
Problemen tussen mensen ontstaan doordat ze elkaar niet (kunnen) begrijpen. Een van de oorzaken kan zijn dat mensen in verschillende lagen zitten, dat niet inzien, en niet begrijpen dat een ander iets niet begrijpt. Vanaf de vijfde laag heb je meer inzicht, kun je makkelijker loslaten en iemand laten, zonder egoïstische motieven of bijbedoelingen. Iemand uit een hogere laag kan in het algemeen wel iemand uit een lagere laag begrijpen, maar andersom niet. Desondanks staat aantrekkingskracht tussen mensen los van de laag waar ze inzitten. Omdat aantrekkingskracht in het algemeen te maken heeft met mensen die je uit vorige levens kent, en in het bijzonder met mensen met wie je dingen uit te werken hebt.
Wanneer tussen mensen te veel verschil tussen de lagen is, is er altijd een groot verschil in bijvoorbeeld gevoelssituaties. Als je die strijd aangaat, kom je er niet uit en trek je elkaar omlaag. Iemand uit een hogere laag kan de ander ruimte geven en láten. Maar iemand uit een lagere laag kan hetzelfde doen uit onverschilligheid, of wordt in beslag genomen door zichzelf of heeft de partner vooral als gezelschap tegen eenzaamheid. In de eerste drie bovenlagen kan afhankelijkheid (die zich ook materieel kan uiten) aangezien worden voor liefde; maar het is liefde op ego-niveau. Als beide partners een negatieve instelling hebben, pakken ze het negatieve van elkaar en maken het nog negatiever. Je kunt een slechte relatie in stand houden in naam van de liefde. Dat bijvoorbeeld het begin zo mooi was en die herinnering eindeloos blijven koesteren en daarop teren. Als je dat doet, houd je jezelf voor de gek en houd je niet van jezelf.
Maar als je toch bij elkaar wilt blijven, terwijl het heel moeilijk is, kun je een ander soort relatievorm creëren, waarin je niet alles hoeft te begrijpen van elkaar. Je moet ook alleen durven groeien in een relatie; als de ander niet mee wil, moet je dat kunnen láten, zonder diegene een schuldgevoel te geven. Je hoeft bijvoorbeeld niet altijd in één bed te liggen of in één kamer te slapen; je hoeft niet dezelfde dingen leuk te vinden, je hoeft niet alles samen te doen, etc. Door de vele moeilijkheden binnen een relatie kun je vaak groeien; maar ook, of juist door een goede relatie groei je.
Waar partners die uit verschillende lagen komen, het moeilijk kunnen hebben, geldt hetzelfde verhaal voor ouders en kinderen; met dit verschil dat kinderen overgeleverd zijn aan de ouders, terwijl partners hun eigen keus maken. Kinderen zijn overgeleverd aan de opvoeding als de ouders menen dat zij alles voor het zeggen hebben en dat een kind niets weet of kan. Zulke ouders moeten leren anders naar hun kind te kijken en te luisteren in plaats van het kind te beperken in wat het wel of niet moet of mag. We hebben te maken met individuele zielen; ouders kunnen hun kind laten groeien, maar andersom ook, als de bereidheid daartoe is. Een kind uit een hogere laag kan wijzer zijn dan de ouders waarbij het terechtkomt; als die ouders negatief zijn of een gewelddadige omgeving creëren met mishandeling en/of incest, zal zo’n kind het heel zwaar hebben.
Wat het moeilijk maakt is dat het zich nog niet helemaal bewust zal zijn van wat er mis is, maar altijd voelt dat het niet klopt. Zo’n kind kan zich dan heel alleen voelen, misschien de weg even kwijt raken, maar vanuit zijn zielskracht in staat zijn zichzelf snel terug te vinden. Vanaf de vierde laag zal een kind zichzelf niet verloochenen louter en alleen om zijn ouders tegemoet te komen. Voorwaardelijke liefde wordt afgewezen, met andere woorden: liefde wordt niet gekocht. Een kind uit de hoogste lagen raakt niet snel getraumatiseerd en zal altijd goed voor zijn (eventueel negatieve) ouders zijn; zal altijd goed voor iedereen zijn. Maar een ander kind uit hetzelfde gezin kan wel last van trauma’s krijgen; een kind uit de eerste drie bovenlagen zal bijvoorbeeld incestervaringen in het algemeen later herhalen, terwijl zijn broertje of zusje uit een hogere laag zich makkelijker kan ontworstelen aan een negatieve opvoeding. Kinderen uit de eerste drie bovenlagen glijden makkelijk af in een zwaar gezin; waren ze in een goed gezin terechtgekomen, hadden ze kunnen groeien. Het goede versterkt elkaar altijd, het slechte helaas ook