Het eeuwige leven van de ziel

Enkele onderwerpen uit het boek

Korte samenvatting

 

De kunst van het werken aan en met jezelf is de moed hebben om steeds terug te gaan naar de basis. De eerlijkheid om steeds opnieuw te beginnen en je geweten te onderzoeken. Het geweten maakt deel uit van de ziel, maar de ziel is het geheel. Je ziel is degene die je oorspronkelijk bent.

 

Verkeerde keuzes vormen schillen om de ziel, die we weer moeten afpellen. Hoe meer schillen je afpelt, des te dieper kom je in de ziel. Dat is niet een kwestie van mooie en nieuwe dingen aanleren, dat is vrij eenvoudig. Maar van verkeerde patronen en saboteurs afleren. En dat is zwaar. Dus het enige dat we hoeven doen is onze bagage opruimen.

 

In de eerste laag vindt de ontwikkeling van het geweten plaats. Het geweten is de rem ten aanzien van het kwaad. Zodra het geweten losgelaten wordt, kom je in de onderlagen.

 

In de tweede laag is er een begin van mededogen, het ego wordt iets losgelaten.

 

In de derde laag wordt het ego opgeruimd. Dat houdt de overgave naar je 'zelf' in.
Het aangaan en opruimen van het ego is een zwaar stuk.

 

In de vierde laag wordt het zelf opgeruimd. Het ego ligt als een schil over het zelf, het zelf ligt over de ziel.

Om bij de ziel te komen moeten het ego en het zelf opgeruimd worden. Aan het eind van deze laag geef je je zelf over aan God. Deze overgave, het loslaten van je zelf, is het zwaarste gedeelte van het groeiproces.

 

In de vijfde laag vindt er een verdieping plaats. Door de innerlijke bevrijding is alle twijfel verdwenen; je wéét, je voelt, het ís. Maar je bent nog niet klaar, je hebt nog dingen op te ruimen; je wordt beproefd. Daar heb je vertrouwen voor nodig en dat groeit in deze laag. Dat is een proces van verdieping en steeds verdere overgave.

 

In de zesde laag leef je vanuit je ziel. Dat geeft een diep gevoel van rust, vrede en geluk. Je staat in het geloof, zonder dat het in een religie neergezet hoeft te worden. Het vertrouwen en het geloof zijn altijd bij je, los van hoe je je voelt of wat er gebeurd. Je hebt een innerlijk weten en voelen ten aanzien van het goddelijke, dat niets of niemand je kan afnemen.

 

In de zevende laag groei je naar de heiliging. Aan het eind van de zevende laag ben je bevrijd van de zware last van de lagen. Je leeft in Godsbewustzijn.

 

Door inzicht dat mensen in verschillende lagen zitten leer je onderscheid maken waardoor je problemen beter begrijpt en er anders mee om kunt gaan.